Wonderlijk
Eindelijk kan ik dit hoofdstuk besluiten
de terriër in mij, is moe
Ik heb met alle macht gestreden,
veel geleden, stil gebeden
ik doorbrak mijn eigen taboe
Dat ik zo diep zou kunnen vallen,
dat het zo zwart zou kunnen zijn
Ik zo uit mijn rol zou knallen,
ik voelde me klein, zo klein
En hier ben jij,
met je armen vol licht en lucht, alleen voor mij
niet voor mijn verdriet beducht
Je pakt mijn hand en ik mag alles van je zijn
leven aan jouw zij is wonderlijk en fijn
Nu de vertwijfeling is geweken,
tracht ik te proeven en te zien
waaraan het vertrouwen is bezweken,
valse streken, niet gekeken
welke val ik niet had voorzien
De zoektocht en de acceptatie
wekten wanhoop, droeve pijn
zo volkomen uit de gratie,
ik voelde me klein, zo klein
En hier ben jij,
met je armen vol licht en lucht, alleen voor mij
niet voor mijn verdriet beducht
Je pakt mijn hand en ik mag alles van je zijn
leven aan jouw zij is wonderlijk en fijn